In 1 week tijd zagen 3 luisteraars dezelfde nieuwe soort, Frans weet welke
22/08 10:30 - In 1 week tijd zagen 3 luisteraars dezelfde nieuwe soort, Frans weet welke
Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur. Iedereen kan vragen insturen via stuifmail@omroepbrabant.nl. Dit keer besteedt Frans onder meer aandacht aan een mooi beestje dat in het bos leeft, twee slakken die het samen doen, drie luisteraars die in één week tijd op verschillende locaties eenzelfde nieuwe soort ontdekten en een vreemde zonnebloem. Deel twee van deze Stuifmail wordt zondagochtend gepubliceerd.
De Stuifmailvraag nummer 17:Welke van de volgende wespen horen bij de sociale wespen?
A. Europese hoornaar, gewone wesp en de metselwesp.
B. Gewone wesp, graafwesp en de Duitse wesp.
C. Gewone wesp, geelpoothoornaar en de Saksische wesp.
D. Duitse wesp, geelpoothoornaar en de urntjeswesp.
Graag je antwoord sturen naar stuifmail@omroepbrabant.nl
De winnaar krijgt de eer en een prachtig boek met de titel 'Dwaalgids' van schrijfster Katja Staring, geschonken door het Van Gogh Nationaal Park.
Zondag tussen elf uur 's ochtends en twaalf uur 's middags hoor je het antwoord.
Welk dier is dit?Heel grappig, in Stuifmail heb ik nog nooit meegemaakt dat drie luisteraars in een week tijd op drie verschillende plekken hetzelfde insect tegenkwamen. Thea Willems, Maike van Nunen - met dochter Bibi Noot - en Ella Verstraten stuurden mij foto’s van een insect waarvan Thea en Maike bijna de juiste naam hadden. Ella sprak van een groot geel insect. Wat zij alle drie tegenkwamen, was een Europese bidsprinkhaan.
Voorheen kwam de Europese bidsprinkhaan vooral voor in de warme gebieden van Zuid-Europa en rond de Middellandse Zee. De laatste jaren is de soort zich meer en meer naar het noorden gaan uitbreiden. Dit komt vooral doordat de warmere zomers zich in hoog tempo naar meer noordelijke streken verplaatsen. In ons land was de eerste waarneming van een Europese bidsprinkhaan in 2009. Heel veel later, in 2023, werd duidelijk dat er voortplanting was van deze soort. Er werden namelijk eitjes en jonge bidsprinkhanen aangetroffen in nationaal park De Meinweg in de provincie Limburg. Overigens bevonden zich in België al populaties noordelijker dan Zuid-Limburg.
Nu deze Europese bidsprinkhanen ook al waargenomen worden in Brabant is het duidelijk dat de Europese bidsprinkhaan zich in Nederland aan het vestigen is. Daarmee is Nederland een nieuwe insectenorde rijker, namelijk die van de mantodea oftewel orde van de bidsprinkhanen. Dit is een orde van grote, roofzuchtige insecten met een kenmerkende, opgeheven lichaamshouding. Ze jagen dan ook vooral op andere levende en bewegende insecten. Ze doen mensen niets! Kijk maar eens naar dit mooie filmpje.
Welk beestje vonden wij in het bos?Jennifer Wouters en haar man kwamen een beestje in het bos tegen. Ze vroegen zich af wat het is. Volgens mij zijn zij een boskrekel tegengekomen. Boskrekels hebben een goudbruin tot bijna zwart lichaam met daarvoor een lichter gekleurd halsschild. Daarnaast is de zwarte kop van de boskrekel duidelijk afgesnoerd van het lichaam.
Veldkrekels hebben een glanzend zwarte kop en halsschild, dat er ook nog eens heel stevig uitziet. Overigens lijkt de kop een beetje op een ouderwetse militaire helm, zie de foto hierboven. Voor de rest is de veldkrekel een mooi glimmend zwart insect met gele en rode accenten. Beide soorten kunnen niet vliegen. Veldkrekels kom je vooral tegen op zonnige, droge, schrale en licht begroeide plaatsen zoals heidegebieden en schrale graslanden. Boskrekels zijn vooral te vinden in bossen of bosranden, maar je kunt ze ook tegenkomen in begroeide delen van heidevelden, tuinen, parken en spoorwegbermen. Dit alleen in het zuidoosten van ons land, noordelijker komen ze nu nog niet voor. De volwassen boskrekel zie je vooral tussen juli tot eind oktober. Ze leven in dikke strooisellagen, op zoek naar voedsel. Het belangrijkste voedsel voor boskrekels zijn schimmels. Daarnaast rottend platenmateriaal, dorre bladeren, gevallen eikels en dode insecten. Het zijn echte bodembewoners, die niet klimmen. Bij gevaar schuilen ze snel in de strooisellagen, onder (dorre) bladeren, maar ook onder allerlei objecten in het bos en veld. Ze zitten graag op warmere en drogere plekken en vooral in de zon. Als ze dan een tijdje in de zon gezeten hebben, worden ze dankzij die zonne-energie razendsnel.
Zijn deze slakken aan het paren?Ludwig Geers zag twee in elkaar gevlochten segrijnslakken. Hij vraagt zich af of slakken zelfbevruchtend zijn. Dat klopt helemaal, want slakken zijn zowel mannetje als vrouwtje. We noemen dit hermafrodiet. Dit betekent dat slakken, zowel huisjesslakken als naaktslakken, zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen hebben. Wat hij zag, was een paring tussen twee segrijnslakken. Bij zo'n paring zijn beide slakken, zoals de segrijnslakken op de foto, ongeveer even groot en zitten ze gedraaid aan elkaar. Allereerst gaat dan de penis van de ene slak naar de vagina van de andere segrijnslak en wordt die slak bevrucht. Daarna draaien ze om en steekt de bevruchte slak zijn penis in de vagina van de andere slak. Zodoende vindt er een wederzijdse bevruchting plaats. Zie dit mooie filmpje van parende segrijnslakken van Ruud Lekkerkerk. Later gaan beide segrijnslakken hun vijfhonderd (!) eitjes afzetten in kleine holletjes in de bodem.
Is er geen geoorde zuring meer?Danny Linnenbank was als kind veel in de natuur te vinden en bouwde dan samen met andere kinderen hutten, zowel bovengronds als ondergronds. Tijdens dat spelen kwamen ze zuring tegen. Daar werd dan op geknabbeld en gekauwd. Danny en de andere kinderen vonden dat heerlijk. Nu kan hij die zuring- hij vermoedt dat het geoorde zuring was - niet meer vinden. Danny bracht zijn kindertijd door in Rosmalen. Die plaats ligt in de buurt van de Maas en voorheen kwam inderdaad geoorde zuring voor in alle rivierengebieden.
Tegenwoordig is geoorde zuring een vrij zeldzame plant geworden, maar soms een plaatselijk algemene plant. In principe bereikt geoorde zuring in ons land haar westgrens, vandaar ook de zeldzaamheid. Het is nu bekend dat geoorde zuring voorkomt langs de Waal, Rijn en de IJssel, waar 'ie in gezonde en natuurlijke graslanden in de uiterwaarden groeit. Kortom, zeldzaam te vinden dus. Maar niet getreurd, Danny. Ook ik heb veel buiten gespeeld in de natuur, maar dan rond Sint-Michielsgestel. Daar kreeg ik als jong kind op de kleuterschool te horen dat als we buiten waren en we dorst kregen we mochten gaan kauwen op de blaadjes van schapenzuring en dat doe ik nog steeds. Heerlijk!
Blijkbaar hebben geoorde zuring en schapenzuring ten opzichte van de andere zuringen iets meer frisheid in hun sap. Toch zijn veel zuringen, zoals ook gewone zuring en veldzuring volledig eetbaar. Zeker dus de blaadjes, die hebben een friszure, citroenachtige smaak. Vooral de jonge blaadjes zijn heerlijk in salades of soepen. Je kunt ze net als spinazie kort koken of smoren. Kortom;
Is dit een zonnebloemboom?Bij Ria Bens is een zonnebloem uitgegroeid tot een soort zonnebloemboom, zoals ze zelf omschrijft. Hoe kan dit, vraagt ze zich af Over dit soort veelbloemige zonnebloemen heb ik af en toe wel wat vernomen. Door kweek zijn speciale zonnebloemen ontstaan, bijvoorbeeld het zonnebloemenras Helianthus SUNRAY F1. Dit ras bloeit uit in een zeer rijkbloeiende zonnebloem, die met gemak veertien bloemen haalt. De bloemhoofdjes zijn ongeveer tien centimeter in doorsnee en hebben een heldere, gele kleur. De plant wordt meestal niet hoger dan ongeveer 60 tot 80 centimeter. Ik denk dus niet dat het dit ras is, maar er is meer. Volgens mij hebben we hier namelijk te maken met een Mexicaanse zonnebloem - tithonia diversifolia. Deze Mexicaanse zonnebloem is een struikvormige plant, die wel drie meter hoog kan worden en heel erg veel lijkt op' onze' zonnebloemen. Deze Mexicaanse zonnebloem maakt veel zijtakken. Met deze hoogte lijkt de plant wel op een kleine boom of struik. Toch is er verschil tussen de gewone zonnebloem en de Mexicaanse zonnebloem. Het bloemhoofd (1) van de gewone zonnebloem is namelijk zeer groot en zwaar. Het bloemhoofd (2) van de Mexicaanse zonnebloem is kleiner en fijner van structuur. Het grote centrale hart (de buisbloemen) van de gewone zonnebloem is plat tot licht bol en zakt vaak in naarmate de bloem zwaarder wordt Het hart van de Mexicaanse zonnebloem is sterk koepelvormig of kegelvormig en steekt duidelijk naar voren. De centrumkleur van de gewonde zonnebloem is meestal bruin, zwart of geel. De centrumkleur van de Mexicaanse zonnebloem is helder geel met fluweelachtige kleine bloemetjes. Daarnaast zijn er ook Mexicaanse zonnebloemen waarbij de bladeren van de bloem oranje zijn....